Download PDF

Advies Hepatitis B vaccinatie

Het hepatitis B-virus (HBV) wordt van mens op mens overgedragen door blootstelling aan geïnfecteerd bloed of lichaamsvloeistoffen die bloed bevatten. Een infectie met het HBV-virus kan zowel acuut (zelf-beperkend) als chronisch (langdurend) zijn. Personen met een acute infectie klaren het virus doorgaans binnen enkele weken tot maanden. Bij andere mensen blijft het virus aanwezig en kan de langdurige infectie leiden tot vermindering van de leverfunctie, die zelfs zo ernstig kan zijn dat levertransplantatie noodzakelijk wordt.

Er bestaat een vaccin voor HBV. In 1991 heeft de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) alle landen opgeroepen om voor 1997 een algemene HBV-vaccinatie in te voeren. In Nederland werden desondanks alleen risicogroepen gevaccineerd maar sinds 1 augustus 2011 is dit omgezet in een algemene HBV-vaccinatie bij baby’s. In België is HBV-vaccinatie verplicht voor gezondheidswerkers die meer kans lopen om met HBV besmette patiënten in contact te komen. Sinds september 1999 raadt men in België de systematische vaccinatie van twee groepen van kinderen aan, nl. zuigelingen en preadolescenten (11-12 jaar). Via www.vaccinnet.be kan je nagaan of je gevaccineerd bent (als de vaccinaties correct ingegeven werden).

Na vaccinatie ontstaan bij de grote meerderheid van de gevaccineerden anti-HbsAg antistoffen, dit zijn antistoffen gericht tegen het HBV-surface-antigeen. Deze antistoffen beschermen tegen infectie met het HBV-virus.

Het  HBV kan overgedragen worden door blootstelling van beschadigde huid en/of blootstelling van slijmvliezen aan geïnfecteerd bloed en lichaamsvloeistoffen die bloed bevatten. Bij het sporten is er een theoretisch risico van overdracht door contact van bloed met beschadigde huid of slijmvliezen, maar dit risico wordt over het algemeen als extreem laag  beschouwd. Er zijn geen cijfers bekend van bewezen door sport veroorzaakte overdracht van HBV. Het risico kan hoger zijn bij sporten met direct contact zoals (risico)vechtsporten. Sporten met gedeeltelijk fysiek contact zoals bij balsporten (bv. voetbal, hockey, …) lopen een gematigd risico en sporten die weinig fysiek contact vereisen, zoals gymnastiek en tennis lopen het minste risico.

Men heeft berekend dat het risico van HBV-transmissie in de sport ligt tussen een transmissie in elke 850.000 tot 4,25 miljoen sportieve contacten. Maar dit zijn cijfers die gebaseerd zijn op veronderstellingen en het echte risico is dus niet gekend. In dergelijke gevallen, wanneer het risico klein maar onbekend is, maakt men vaak gebruik van het ‘voorzorgsprincipe’. Dat stelt dat wanneer er redelijke preventieve maatregelen kunnen genomen worden, dat men dat dan ook doet.

Besluit

  1. HBV-vaccinatie wordt aanbevolen voor sporters die regelmatig aan risicovechtsportwedstrijden deelnemen.
  2. Bij het sportmedisch onderzoek wordt de HBV-vaccinatiestatus best gecontroleerd en vastgelegd in het medisch dossier (te controleren op www.vaccinnet.be).
  3. Bij onzekerheid over de vaccinatiestatus kan deze via een bloedafname nagegaan worden. Hierbij kan tegelijk ook vaccinatiestatus/immuniteit voor hepatitis A gecontroleerd worden. Er kan zo nodig een gecombineerd hepatitis A- en B-vaccin gebruikt worden. (Hepatitis A wordt overgedragen via stoelgang, besmet voedsel, … en niet via bloed. Er is behalve de acute ziekteperiode weinig kans op belangrijke complicaties noch chroniciteit.)

Bronnen:
https://www.vaxinfopro.be/spip.php?article1065&lang=nl&retour=1
https://nl.wikipedia.org/wiki/Hepatitis_B
Lyle Micheli (ed.) – Encyclopedia of Sports Medicine,  Sage Publications, 2011

Het advies in dit document wordt op regelmatige basis geëvalueerd en indien nodig bijgestuurd.
Hoewel dit document met zeer veel zorg is samengesteld, aanvaardt het Risicovechtsportplatform geen enkele aansprakelijkheid voor schade ontstaan door eventuele fouten en/of onvolledigheden in dit document.

Laatste bijwerking: juli 2019.